Het vrijeschoolonderwijs PDF Afdrukken E-mailadres

Wie eenmaal een vrijeschool binnenstapt, proeft meteen een heel bijzondere, eigen sfeer.
Wat is dat nu, dat eigene van een vrijeschool, wat kenmerkt de vrijeschool?  

Op een vrijeschool zitten kinderen van dezelfde (ontwikkelings)leeftijd bij elkaar in een klas. Het sociale aspect van elkaar helpen en samen optrekken is een belangrijk onderdeel van de vrijeschoolpedagogie. Deze keuze betekent ook dat de kinderen niet blijven zitten. De enkele keer dat wij ouders aanraden hun kind in een andere groep te plaatsen, gebeurt dan ook altijd op basis van ontwikkelingspsychologische redenen en niet op basis van leerprestaties alleen.

Een ander kenmerk is het periodeonderwijs. In periodes van 3 à 4 weken worden de eerste uren van elke dag gebruikt voor een bepaald vak. Zo wordt er drie of vier weken gewerkt aan bijvoorbeeld taal, rekenen, biologie, wiskunde of aardrijkskunde. Dit ritmische systeem schept een grote helderheid voor de kinderen en heeft als belangrijk voordeel dat de verbinding met dat vak heel intens wordt.

Van groot belang is dat de kinderen in de kleuterklas met een specifiek opgeleide kleuterjuf te maken hebben. In de jaren daarna, op de lagere school, houden zij als dit mogelijk is een aantal jaren dezelfde klassenleerkracht. Hun klas wordt mede daardoor een hechte gemeenschap. De leerkracht kent de kinderen door en door en kan hen zo in hun ontwikkeling volgen. Voor de kinderen betekent dit dat zij niet steeds aan een nieuwe leerkracht hoeven te wennen. Verder beschikt de school over een vakleerkracht euritmie en geven de klassenleerkrachten in diverse klassen vaklessen.

Binnen de kaders van het leerplan kiest de leerkracht zelf de onderwerpen die passen bij de ontwikkeling van de kinderen die hij/zij op dat moment begeleidt. Daaruit volgt dat er geen gebruik gemaakt kan worden van ‘reguliere' methodes, behalve bij het inoefenen van de lesstof. In zogenoemde ‘periodeschriften' leggen de kinderen zelf de inhoud van de lessen vast in de vorm van tekeningen en dictaten of - in de hogere klassen - samenvattingen. Aan de vormgeving van deze schriften besteden de leerlingen veel aandacht.

Door de jaren heen vertellen de leerkrachten de kinderen veel verhalen. Deze vertelstof sluit aan bij de ontwikkelingsfase waarin de kinderen op dat moment verkeren.

Kunstzinnige vakken maken een wezenlijk bestanddeel uit van het leerprogramma. Sterker nog, elk vak wordt langs kunstzinnige weg aangeboden. Op die manier worden niet alleen intellectuele maar ook emotionele en sociale vaardigheden aangesproken - om zo te werken aan een evenwichtige ontwikkeling van denken, voelen en willen.

Aan het ritmische verloop van het jaar besteden wij veel aandacht in de vorm van de (veelal Christelijke) jaarfeesten. De jaarfeesten (Michaël, Sint Maarten, Sint Nicolaas, Kerstmis, Pasen, Pinksteren en Sint Jan) vormen voor het kind vaste hoogtepunten in het jaar. De vrijeschool heeft overigens geen bindingen met een bepaalde geloofsrichting.

Op dit moment zijn er ongeveer 700 vrijescholen, verspreid over de hele wereld.

 
155_24.gif